De openbare kunstwerken in het Parc de la Boverie
De locatie, gelegen tussen de Maas en de Ourthe, dankt zijn huidige naam aan de functie die het vroeger vervulde: de Boverie (van het Latijnse ‘bovaria’) duidde vroeger de plek aan waar de ossen werden geweid. Het Pré Mativa, dat toen al een wandelgebied was, veranderde in een heus openbaar park met de aanleg van de Maasomleiding in 1853.
De Wereldtentoonstelling van 1905 veranderde de wijk Vennes-Fetinne letterlijk door de bouw van verschillende bruggen, waaronder die van Fragnée en Mativa, het Paleis voor Schone Kunsten en nagebouwde Griekse ruïnes.
Het park van La Boverie, dat na de aanleg van het omleidingskanaal bestemd werd voor sport en ontspanning, behoudt tot op de dag van vandaag zijn functie als siertuin. Het park werd in 1905 door een landschapsarchitect herontworpen en kreeg in 1950 een rozentuin in de stijl van de Franse tuinen.
Het park is bij koninklijk besluit van 14 oktober 1974 geklasseerd als beschermd gebied.
Naast zijn historische en architecturale belang onderscheidt het park zich ook door de aanwezigheid van een aantal werken van openbare kunst.
Er zijn talrijke beeldhouwwerken te zien: La Légende naar Joseph Rulot (1956), La Toilette van Marnix Haveloose (1910) en Le Faune mordu en Adam et Eve chassés du paradis van Jef Lambeaux (1903 en 1899). De galerij met de acht bustes in de Roseraie, ter ere van het Land van Luik, werd verrijkt met werk van kunstenaars als Georges Petit, Louis Dupont en Oscar Berchmans. In het interbellum werden drie gedenktekens opgericht ter ere van de kunstenaars Armand Rassenfosse, Louis Boumal en Georges Antoine.
Aan het einde van de jaren vijftig werd het terrein, dat de stedenbouwkundige ontwikkeling van Luik weerspiegelt, bovendien verrijkt met een modern gebouw, het Congrespaleis van de groep ‘l’Equerre’, versierd met werken van Freddy Wybaux en Eva Herbiet. In 1961 werd dit geheel aangevuld met de cybernetische toren van Nicolas Schöffer. Het werk werd in 1997 (samen met het Palais) geklasseerd en in 2018 gerestaureerd. Werken in cortenstaal en brons van Nic Joosen, Bernar Venet en Mady Andrien hebben dit parcours de afgelopen twintig jaar verrijkt.
